vrijdag 7 september 2012

Verkiezingstijd, keuzetijd


Het is weer eens zover, binnen nu en minder dan een week mag stemgerechtigd Nederland zich weer eens naar de stembus begeven. Een stukje folklore ontstaan in het laatste decennium, wat we wat mij betreft moeten koesteren. Ondertussen gaat ons koude kikkervolkje namelijk bijna vaker stemmen dan dat we Sinterklaas vieren. Hoewel kabinetten vroeger regelmatig de ambtstermijn volmaakten, lijkt dat nu, tegenstrijdig genoeg, een utopie. Maar gemijmer over dat vroeger alles beter was, is wat mij betreft niet op zijn plaats.

Bijna elk jaar stemmen voor de Tweede Kamer, het heeft wel wat. Je komt gemoedelijk in contact met alle lagen van de bevolking bij het stemlokaal. En bovendien, het verschaft de graag-klagende goegemeente weer een onderwerp waar we wekenlang over kunnen zaniken en discussiëren. Een soort van nationaal gemeengoed in de categorie klaagvoer, naast het eeuwige gezeur over de Nederlandse Spoorwegen en het belabberd presterende Oranje. Dat tegenwoordig politiek op de televisie beschouwd wordt in een gelijksoortige setting als Neerlands’ meest populaire voetbalprogramma, dat zegt genoeg. Wel jammer dat we het daarbij moeten doen met Rick Nieman en Bart Chabot. Ik had liever de heren Derksen en Gijp gehoord over het jokken van Rutte en Van der Staaij’s perceptie van de vruchtbaarheid van vrouwen na verkrachting. “Dus Keessie zegt dat ik niet met m’n handjes in m’n haartjes moet gaan zitten als ik weer eens niet van de wijfjes heb kunnen afblijven? Dat ken ie toch niet menen, pik? Nee, toch? Nee, dat ken ie niet menen, hoor. Ik kan me ook niet voorstellen dat z’n vrouw dit soort uitspraken pikt, hoor. Kan Keessie het lekker buiten de deur gaan zoeken. Maar dat maakt toch niet uit, want bij een verkrachting krijgt ie zo’n wijffie toch niet bevrucht, onze Keessie.”

Maar dit jaar komen we op een heikel punt, als het over onze nieuw verworven traditie gaat. Ons nieuwe doel om minstens om de twee jaar aan de slag te gaan met rode potloodjes. Deze keer weten we het namelijk écht niet. We weten het gewoonweg niet. En daarmee voldoet ons nieuwe favoriete onderwerp voor tijdens de koffie niet langer aan de voorwaarde die een onderwerp nodig heeft om het favoriete jammer-thema van De Natie te zijn. Het zit zo. We weten allemaal wat er niet deugt aan de NS. Het is netjes gezegd van de wc getrokken dat een trein niet kan rijden als er blaadjes op het spoor liggen, en dat één wisselstoring een land lam kan leggen is al helemaal, juist, van de pot gerukt. Oranje, idem dito. Zestien miljoen bondcoaches weten dat je Robben er niet uit moet halen voor fucking Paul Bosvelt. Om gegrond over iets te kunnen kankeren, moeten we weten waarover we het hebben. En dat is nu even niet het geval.

En dat is helemaal niet gek. Politici weten het zelf ook niet zo goed. Partijen aan zowel de linkerkant als de rechterkant van het spectrum hebben nog nooit zo dicht bij elkaar gelegen. En toch moet je dan stemmen zien te ronselen, als partij. Bestaat zodoende je campagne uit krampachtig op zoek gaan naar verschillen tussen jouw partij en de andere partij. En dan ontstaat er een prachtige poppenkast. Kale Klaas Vaak Diederik Samsom die de strijd aangaat met de korte, gedrongen, Marxistische versie van Dahl’s Grote Vriendelijke Reus. Totdat de grote gemenerik met de peroxidepruik zijn opwachting maakt. Stiekem gluurt hij om de hoek. De toegestroomde toeschouwers op het plein in Den Haag schreeuwen het uit. “Kijk uit, Diederik en Emiel, daar in de hoek!” De rode voormannen wenden zich quasi verbaasd tot het publiek. “Wat zeggen jullie, kinderen? Hebben jullie gemene, geniepige Geertje gezien? Waar is hij dan?”

We weten het niet. We weten het gewoon écht niet. Een Natie in verwarring. Maar wie verzint dan ook verkiezingen in september? Als ik op straat rond kijk, valt me op dat we sowieso al in de war zijn. Het komt door het jaargetijde, door het weer. Ik zie mannen met winterjassen, dames met hoge, herfstachtige laarzen, kerels met slippers, meisjes met korte rokjes, jongens met shawls, dames met bontkraagjes. We zijn volledig van slag. ’s Ochtends hebben we het fris, ’s middags zweten we ons kapot, om vervolgens ’s avonds weer rillend van de kou naar huis te fietsen. Bij het ochtendgloren stemmen we links, bij het middagzonnetje kiezen we voor rechts, en als we ’s avonds na de boerenkool met worst (want de R zit weer in de maand) liggen uit te buiken op de bank, gaan we weer voor een progressief midden. We weten het niet, en het ligt aan het weer. Stemmen op de partij die iets met het klimaatprobleem wil doen dus. Gelukkig hebben we het alleen maar over Europa. Hoe die Grieken onze centjes misbruiken. Daar hebben ze geen last van het weer. Daar is het elke dag zweten alom. Oh, en souvlaki vreten natuurlijk. Op onze kosten.

Er zijn ook mensen die met dingen komen die handig inspelen op het feit dat we het met zijn allen niet weten. Deze week gezien in De Wereld Draait Door; een jongen die een applicatie heeft ontwikkeld die er voor zorgt dat je strategisch kunt stemmen. Vertel, vertel, hoe werkt dat dan? Nou, stel je voor, dat je met tien vrienden bespreekt welke coalitie jullie samen willen. Bijvoorbeeld, wil je Paars, stemmen er dus vier op de VVD, vier op PvdA, en twee op D66. Die app werkt net zo; je voert in wat voor coalitie je graag wilt, en de applicatie zorgt ervoor dat mensen die ook allemaal dezelfde coalitie willen, samen met jou, de juiste stem uitbrengen. Krijg je dus op twaalf september een bericht waarin verteld wordt op welke partij je moet gaan stemmen om jouw coalitie te bewerkstelligen. Leuke jongen ook wel, de ontwikkelaar van die app. Duidelijk grachtengordel, oud geld, halflange haartjes, mooi overhemdje. Echt een ondernemertje. Stuurt ons op twaalf september allemaal een SMS dat we op de VVD moeten gaan stemmen en lacht zijn lul uit zijn broek.

Laten we ons dan troosten met het feit dat september ook altijd de start is van een nieuw televisieseizoen. Natuurlijk, er is al genoeg poppenkast te zien als het om politiek gaat, dat sowieso. Overigens zie je ook daar in terug, dat minstens om de twee jaar stemmen, zorgt voor verbroedering in het land. Ik bedoel, als Knevel, Van den Brink, Pauw en Witteman samen een programma maken, dan kun je wel stellen dat er sprake is van omarming. Voor de rest zorgt het nieuwe televisieseizoen voornamelijk voor duidelijke keuzes. Want natuurlijk kijken we op zaterdagavond het liefst met de hele Natie samen hoe Patty Brard als een beschonken Boeing een buiklanding maakt op het betonharde water in het pierenbadje van Sterren Springen. Politici springen, dat zou nog mooier zijn. Jolande Sap in een badpak van duurzaam katoen. Van der Staaij springt met een t-shirt en een zwemshort tot over de knieën met een preuts plonsje het water in. Geert Wilders, net als een andere geblondeerde volksheld, in een gele speedo. En Emiel zorgt met een Boxmeers’ Bommetje opnieuw voor een verschuiving in de peilingen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten