Biechten is de bom. Spijt hebben van dingen die je verborgen
hebt gehouden totdat je jouw moment kiest om het van de daken te schreeuwen.
Want, heel belangrijk, je kiest zelf je moment. Dat is nu zo’n beetje het ding.
Wil je een beetje meedoen met deze trend, sla dan alle vermoedens, hoe evident
ook, volledig in de wind. Ook al hangen de koekkruimels in je baard: blijven
ontkennen dat jij dat pak Bastogne naar binnen hebt gewerkt. En dan al je
collega’s bij elkaar roepen voor een werkoverleg. In de wandelgangen wordt koortsachtig
gespeculeerd waar het spoedberaad over zal gaan. Neemt hij ontslag? Staan onze
banen op de tocht? En dan maak je een groots, dramatisch gebaar, laat je een
traan, en bied je jouw oprechte, welgemeende excuses aan voor datgene wat
iedereen al van je verwachtte. Oprechtheid en welgemeendheid zijn hier absolute
sleutelbegrippen.
Anno 2013 doe je niet meer mee als je niet liegt. Als een
pientere Pinoccio een lange neus trekken naar al die wauwelende
waarheidszoekers. En dan biechten, anders heb je voor niks al die moeite gedaan
om met je duistere zaakjes het daglicht te mijden. En natuurlijk, een doos
Bastognes leeg vreten is niet erg genoeg. Zoek het in extremen. Je snapt waar ik
naar toe wil. Dender als een sneltrein de bergweggetjes door van Liège, naar
Bastogne, en weer terug, en dat alles op een tweewielertje. Ram daarbij wel een
spuit in je aderen. We hebben het over wielrennen. Vandaag is de dag dat
Boogerd op de biechtstoel zat in de NOS-kerk. Hij vertelde daar wat we eigenlijk
allemaal al wisten. Ook onze Michael heeft gebruikt. En dan heb ik het niet
over anti-lek-banden, die overigens een illusie zijn. Ik heb het over doping,
prestatieverhogende middelen. Biechten is de shit, maar voor de dag komen met
dopinggebruik, oei oei, dan ben je een echte.
Dus, hier gaan we dan maar. Honderd procent live, op mijn
eigen blog (denk bij de juist uitgevoerde biecht altijd aan commercie en
gezichtsbehoud). Ook ik was jong in de periode die Boogerd duidt als de
hoogtijdagen van de doping. Dus ook ik voelde de druk om mee te kunnen met de
rest. Dit begon al op het schoolplein. Totdat ik epo ontdekte, was het voor mij
een volstrekt raadsel hoe de snelste jongens van de klas op het plein rondjes
van twintig tikten op de dubbelfiets en de duwkar. Na epo, deed iedereen dat.
Groeihormonen namen we nog niet, dan kwam je bij busje kruit bedrogen uit als
je je achter een parkbankje wilde verstoppen. Pap en mam, weten jullie nog, dat
als we vroeger in Frankrijk op vakantie gingen, dat ik dan sprinkhanen ving?
Die jongens waren pokkesnel. Zonder bloedtransfusie kreeg ik dat dus sowieso
niet voor elkaar, dat jullie dat niet door hebben gehad, zeg.
Frankrijk, waar ik overigens de Tour heb gezien. Niet onder
de indruk. Ja, van de reclamekaravaan dan misschien. Leuk, die gratis petjes en
sleutelhangers. Maar wat die mannen daar verreden, dat was voor mij niks meer
dan het schoolplein in het groot. Ja goed, ze zaten heel saai alleen op een
fiets, zo’n dubbelfiets maakte alles gezelliger.
In de loop der jaren bleef het gebruik van
prestatieverhogende middelen aanhouden, want ja, je moest toch mee met de
groep. Die groepsdruk werd op de middelbare school natuurlijk alleen maar
hoger, dus daar ben ik ook met cortizonen begonnen. Een astma-patiënt die nog
elf trappen er uit perst bij de shuttle-run bij Lichamelijke Opvoeding en
niemand die zijn schouders ophaalt, de cultuur liet het toe. Over culturen
gesproken, op mijn vijftiende begon ik bij de supermarkt. De werkdruk daar was
ongekend en er werd veel gebruikt om aan de eisen te voldoen. Men kon zodoende
wel spreken van een cocaïnecultuur, maar van al de middelen die ik mezelf reeds
toediende, tevens naar coke grijpen, ervoer ik als een relatief kleine stap.
Ondertussen ben ik alweer geruime tijd clean. Let overigens
op, medebiechter, ter afronding is het erg happening om een emotioneel verhaal
op te hangen over hoe je verlangt naar de dag dat je jouw kinderen weer recht
in de ogen kunt aankijken. Maar, trouwe lezers, zoals jullie weten, ik heb geen
kinderen. Daar heb ik niks over op te biechten. Daar wacht ik even mee totdat
het trending is om daar een boekje over open te doen. Ik wil concluderend nog
mededelen dat ik oprecht en welgemeend spijt heb (weten jullie nog?) van alle
leugens die ik al die jaren verspreid heb. Ik ben trouwens bereid om tegen
redelijke betaling, een landelijk uitgezonden televisie-interview te geven over
mijn gebruik en met name mijn spijt. En als ik een eigen kleedkamer krijg zal
ik zelfs live huilen, mocht dat op prijs gesteld worden. Ik besef me wel dat
ik, hoewel een held, geen landelijke sportheld ben. Zodoende zal ik een
lucratief aanbod van Omroep Brabant of de Provinciale Zeeuwsche Courant ook
niet direct in de wind slaan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten